Zo gebruik je het
Brabants
Hedde gij de loterij gewonnen? De minde nie!
In gewoon Nederlands Heb jij de loterij gewonnen? Dat meen je niet!
Brabants
Honderd euro voor un kaartje? De minde nie!
In gewoon Nederlands Honderd euro voor een kaartje? Dat meen je niet!
Brabants
Is de trein wéér te laat? De minde nie…
In gewoon Nederlands Is de trein wéér te laat? Dat meen je niet…
Hoe zit het in elkaar?
Woord voor woord staat er: de (dat), minde (meen je) en nie (niet). ‘Minde’ is ‘meen’ met ‘-de’ erachter, de korte vorm van ge, het Brabantse ‘je’ of ‘u’. Op dezelfde manier worden hedde (heb je), zedde (zeg je) en witte (weet je) gevormd.
En de t van ‘niet’ laat een Brabander gewoon vallen: zo wordt ‘niet’ nie.
Een echte vraag is het niet: niemand verwacht dat je uitlegt of je het meende. Je hoort het in alle toonhoogtes. Blij verrast bij goed nieuws, verontwaardigd bij slecht nieuws, of lachend als iemand aan tafel een sterk verhaal vertelt. Hoe je het zegt, bepaalt wat je bedoelt.
Zeggen ze het bij jou anders?
Het Brabants verschilt per streek en soms zelfs per dorp: Erfgoed Brabant spreekt van ‘honderden Brabantse dialecten’. Ik schrijf de woorden zoals ik ze van huis uit ken. Klinkt het bij jou anders? Dan heb jij ook gelijk, en ik hoor het graag.

